Printervriendelijke versie
Beleggen
Futures als wapen tegen renteverhoging
25 feb 2011

Rentestijgingen zijn de nachtmerrie voor beleggers in staatsobligaties. Toch is het in zo’n situatie niet altijd nodig om deze asset class de rug toe te keren. Door de obligatieportefeuille minder gevoelig te maken voor een oplopende rente kan ook in mindere tijden een goed rendement worden bereikt, stelt Olaf Penninga, beheerder van het Lux-o-rente-fonds van Robeco.


Nu de inflatie oploopt en de economie uit het dal kruipt, wordt steeds openlijker gespeculeerd op renteverhogingen in Europa en de VS. Voor beleggers in staatsobligaties is daarom waakzaamheid geboden. De rente en de koersen van staatspapier zijn immers communicerende vaten: een oplopende rente zet de koersen onder druk en vice versa.
Toch denkt Olaf Penninga, beheerder van Robeco Lux-o-rente, dat het voorlopig niet zo’n vaart loopt. “In de Verenigde Staten ontbreekt de noodzaak om nu al de rente te verhogen. Er is behoefte aan een hogere economische groei, om banen te scheppen, want de werkloosheid is nog steeds hoog. Daarnaast zie ik niet veel risico’s voor de inflatie. Werknemers verkeren nog niet in de positie om looneisen te stellen en bedrijven zullen voorlopig nog op prijs blijven concurreren, waardoor de prijzen onder druk staan.”
Penninga acht het daarom niet waarschijnlijk dat de Federal Reserve de Amerikaanse rente nog dit jaar verhoogt, al signaleert hij wel dat de financiële markten daar sinds begin februari op vooruitlopen. “Beleggers hebben in de VS een renteverhoging van een kwart procent voor het eind van dit jaar ingeprijsd.”


Grondstoffenprijzen
Voor Europa houdt de markt rekening met twee renteverhogingen van elk een kwart procent. Maar ook hier ontbreken volgens Penninga vooralsnog de incentives. “De Europese Centrale Bank heeft één opdracht: de inflatie op of onder de 2 procent te houden. Het cijfer ligt daar momenteel iets boven, maar of het prijspeil de komende maanden flink zal oplopen, is de vraag. Ook in Europa is geen sprake van krapte op de arbeidsmarkt, waardoor de ruimte voor looneisen beperkt is.”
Het huidige hogere inflatieniveau is volgens Penninga te wijten aan hogere grondstoffenprijzen. “Als die prijsstijging niet doorzet, ebt het risico op inflatie weg en is geen actie van de ECB geboden.”
Daarnaast wijst Penninga erop dat er in Europa nog veel onzekerheid heerst over een aantal landen in de periferie en over het bankensysteem. “Dit noopt het bestuur van de ECB tot voorzichtigheid en terughoudendheid.”
De kaarten kunnen er echter anders voor liggen als de grondstoffenprijzen toch verder oplopen. In dat geval zal de ECB wel in actie komen, meent de obligatiespecialist: “Zij moet uiteraard een loon-prijsspiraal proberen te voorkomen. Daarnaast is het belangrijk dat de bank naar de buitenwereld daadkracht uitstraalt en laat zien dat zij alles in de hand heeft.”


Futures
Mocht de rente stijgen, dan zullen veel beleggers in staatsobligaties geneigd zijn deze markt de rug toe te keren. Toch is dat niet altijd nodig, meent Penninga. Hij maakt met zijn Lux-o-Rentefonds gebruik van een beleggingsmodel dat voorspellingen doet over de rente. Op basis van de uitkomsten van dit model, past Penninga de rentegevoeligheid van de obligatieportefeuille aan aan de marktomstandigheden. Als de rente dreigt op te lopen, wordt de portefeuille daar minder kwetsbaar voor gemaakt. Ligt daarentegen een rentedaling in het vizier, dan gaat de rentegevoeligheid juist omhoog, om extra te profiteren van deze ontwikkeling.
Dit gebeurt met behulp van rentefutures. Als de vooruitzichten voor staatsobligaties positief zijn, koopt het team van Penninga extra futures, zodat de beleggingen sterker profiteren van rentedalingen. In de omgekeerde situatie worden futures van de hand gedaan.
Deze afgeleide producten gelden als aanvullend instrument, maar Penninga stelt dat hij er wel heel drastisch mee kan bijsturen. “Bij een basisportefeuille van staatsobligaties leidt een rentedaling van 1 procent tot een koersstijging van circa 6,5 procent en vice versa. Met behulp van futures kunnen wij die rentegevoeligheidsfactor aanpassen van 6,5 naar twee of naar 11.”


Durationmodel
Het succes van deze beleggingsmethode hangt uiteraard af van de kwaliteit van de analyse. Penninga maakt gebruik van de uitkomsten van een door Robeco zelf ontwikkeld kwantitatief durationmodel, dat een voorspelling doet voor de renteontwikkeling in de grootste obligatiemarkten ter wereld. Hierbij wordt eerst een prognose gemaakt voor de belangrijkste factoren voor de obligatiemarkt: de economische groei, de inflatie en het monetaire beleid van de centrale banken. “De financiële markten kijken altijd vooruit. Daarom is het bij beleggingen in obligaties van groot belang om vooruit te blikken en niet af te wachten tot bijvoorbeeld de officiële inflatiecijfers worden gepresenteerd.”


De volgende stap van het Lux-o-Renteteam is kijken of de verwachtingen al in de obligatiekoersen zijn verdisconteerd. Op basis daarvan wordt een positieve of negatieve positie ingenomen ten aanzien van deze assetcategorie. Tot slot kijkt Penninga naar technische factoren: de trend in de markt. “Deze is bepalend bij de timing: is dit een mooi moment om in te spelen op een kentering in de markt? Of is het wellicht nog te vroeg?”
Volgens de fondsbeheerder is dit model bij uitstek geschikt voor staatsobligaties. “Bedrijfsobligaties bewegen deels mee met staatsobligaties, maar de effecten worden gedempt door de renteopslag. Als de economie aantrekt, zal de rente oplopen, maar de renteopslag dalen, en omgekeerd."


Rust
De beleggingsmethode van het fonds geeft beleggers veel rust, meent Penninga. “Ze hoeven zich niet voortdurend af te vragen of het wel of geen goed moment is om in obligaties te beleggen.”





Lux-o-rente
Met ruim 2,5 miljard euro belegd vermogen is Lux-o-rente het grootste obligatiefonds van Robeco. Het fonds belegt wereldwijd in staatsobligaties van grotere, ontwikkelde obligatiemarkten, zoals Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië en de VS. Valutarisico’s worden volledig afgedekt. Met behulp van een durationmodel kan de rentegevoeligheid van de portefeuille worden aangepast aan de marktomstandigheden.



Aanmelden voor de Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de nieuwste artikelen op MarketMinds. Meld je aan en ontvang 2x per maand de nieuwsbrief.
Voornaam *

Achternaam *

E-mailadres *


Ik ben: *
Beleggingsprofessional
Particulier

Ik ga akkoord met de voorwaarden.

Woordenlijst

S

Stempelcultuur

Efficiëntie is in Griekenland ver te zoeken, zo klaagde Bob Traa, de Nederlandse vertegenwoordiger van het IMF onlangs. Bedrijven moeten voor benodigde vergunningen langs ‘zes, zeven ministeries’. Dat staat de economische groei in de weg.
Op de ranglijst van de Wereldbank van landen waarmee het makkelijk zakendoen is, bekleedt Griekenland van de 183 landen de 109e plaats. Dit is vooral te wijten aan de sterke bureaucratie. Griekenland telt naar schatting circa 800.000 ambtenaren, op een bevolking van 11 miljoen. De Griekse regering wil daar flink in snoeien, maar dat komt niet goed van de grond. Van de 30.000 overheidsbanen die dit jaar zouden verdwijnen, zijn er slechts 5.000 geschrapt. 4.000 hiervan betreft ambtenaren die zelf ontslag hebben ingediend om met vervroegd pensioen te kunnen. Dit kost de staat bijna dubbel zoveel.

Gelezen

Wie kaatst, kan de bal verwachten. Dit spreekwoord geldt voor iedereen en dus ook voor bankiers, politici en consumenten. Zij hebben immers zelf de basis gelegd voor de financiële crisis die hen in 2008 zo hard trof. In zijn nieuwe boek, Boomerang, beschrijft journalist Michael Lewis nog eens hoe het zover heeft kunnen komen. En ditmaal zijn z’n observaties persoonlijker dan ooit.