In Europa tekent zich een steeds sterkere tweedeling af tussen een redelijk economisch herstel in noordelijke landen en een veel zwakkere opleving in het zuiden. Op de beurzen is de kloof tussen noord en zuid dit jaar al razendsnel gegroeid.
De Eurozone lijkt langzaam in tweeën gesneden te worden door de schuldencrisis. Zuidelijke landen kampen met hoge schuldenlasten, die leiden tot hogere financieringslasten en die grote overheidsbezuinigingen noodzakelijk maken. Hierdoor ligt de economische groei van deze landen dit jaar en in 2011 grofweg een procentpunt lager dan het groeitempo van 1% tot 2%, dat in Noord-Europa gebruikelijk is. Dit verschil wordt uitvergroot op de aandelenmarkten, want door een dreigende stagnatie in Zuid-Europese landen kampen bedrijven in deze regio met een zwakke thuismarkt.
Dalende euro
Dit effect wordt versterkt door een dalende euro. "Op de valutamarkten is de euro dit jaar onder druk komen te staan door de Griekse problemen", vertelt Ronald Doeswijk, senior strateeg van Robeco. "Dit betekent dat Europese producten goedkoper worden buiten de Eurozone en dat is vooral een impuls voor de meer exportgeoriënteerde Noord-Europese economieën zoals Duitsland en Nederland. In Zuid-Europa is de exportsector relatief kleiner en bovendien wordt er veel handel gedreven binnen de Eurozone. Daarop heeft de goedkopere euro geen invloed."
Verbonden
Behalve door een gemeenschappelijke munt zijn eurolanden op veel meer manieren met elkaar verbonden. Verschillende banken uit Duitsland, Nederland en andere Noord-Europese landen hebben een grote positie in staatsobligaties van probleemlanden waarvan de waarde onder druk staat door de schuldencrisis. Op 23 juli worden de resultaten bekend van een stresstest van het Europese bankwezen die moet uitwijzen welke partijen hun kapitaalpositie moeten versterken.
Stresstest
De overheden van Griekenland, Spanje, Portugal en andere landen in de probleemzone staan in zekere zin continu voor een soort stresstest. Er moeten regelmatig nieuwe leningen worden uitgeschreven ter financiering van aflopende obligaties en van het begrotingstekort. Dankzij een steunpakket van € 750 mrd voor landen die in de problemen dreigen te komen, is de acute angst voor een bankroet van Griekenland of een ander Europees land van tafel. "Maar dat is geen definitieve oplossing", zegt Doeswijk. "Het reddingspakket was een maatregel die erop gericht was om de rust op de markten terug te brengen."
Bankroet is mogelijk
Doeswijk benadrukt dat de huidige verzekeringspremie voor Griekse staatsobligaties erop wijst dat er een kans is van circa 53% dat het land op enig moment in de komende vijf jaar niet meer aan zijn verplichtingen kan voldoen. In het Duitse blad Der Spiegel werd er onlangs al op vooruitgelopen dat de Duitse bondskanselier Angela Merkel een ordelijk bankroet van Europese landen mogelijk moet maken. Dat geeft aan dat Griekenland en andere Zuid-Europese landen voorlopig nog niet in veilig vaarwater zijn.
Sentiment is bepalend
De beurskoersen geven voorlopig hetzelfde signaal, want Zuid-Europese aandelenindices hebben sinds het begin van 2010 gemiddeld meer dan 10% verloren ten opzichte van de Duitse DAX en de Nederlandse AEX. Volgens Doeswijk zijn de beurzen in Zuid-Europa inmiddels ongeveer 20% goedkoper dan in Noord-Europa, maar dat verschil in waardering is op zich geen argument voor een inhaalrace van zuidelijke aandelen. "Sentiment is nu een heel belangrijke factor op de beurzen. Als er signalen komen dat landen door sociale onrust of politieke onmacht niet in staat zijn om de nodige bezuinigingen door te voeren, neemt de vrees voor een bankroet verder toe. Dan kan de kloof tussen noord- en zuid-Europese aandelen nog groter worden."



