Tijdens de financiële crisis zijn diverse gerenommeerde financiële instellingen failliet gegaan, uiteengevallen, overgenomen of door de overheid gered. Om herhaling te voorkomen zijn hervormingen nodig. Maar welke? MarketMinds zet de belangrijkste plannen op een rij.
Tijdens de kredietcrisis zijn veel financiële instellingen door het ijs gezakt. Nog steeds hangen er banken aan het staatsinfuus. Om de stabiliteit van de financiële sector te vergroten wordt op allerlei niveaus nagedacht over hervormingen: door de branche zelf, door de Nederlandse overheid, in Brussel, in Basel en door het onlangs opgestarte Sustainable Finance Lab, waarbij wetenschappers en experts uit de sector zijn betrokken. Inmiddels zijn enkele plannen bekend geworden.
1. Verhoging kapitaalbuffers
Dat banken in 2007 en 2008 te weinig eigen geld hadden, was een van de oorzaken dat de kredietcrisis kon leiden tot een wereldwijde financiële crisis. Om herhaling te voorkomen, moeten banken in de toekomst veel meer kapitaal aanhouden tegenover hun uitstaande verplichtingen. Tot nu toe lag de ondergrens op 2 procent. Dit wordt over enkele jaren verhoogd naar 7 procent.
Voor grote mondiale systeembanken gaat nog een extra kapitaaleis gelden, zo hebben bankentoezichthouders onlangs besloten. Dit zijn banken die door hun omvang en onderlinge verwevenheid een groter risico voor de financiële stabiliteit vormen dan kleinere banken.
Bovenop de ondergrens van Basel 3 moeten zij nog 1 tot 2,5 procent extra kapitaal aanhouden.
Of de in Basel 3 vastgelegde 7 procent het eindstation is, valt overigens nog te bezien. Met het oog op een extra afwaardering van Griekse schulden vinden de Europese ministers van Financiën dat de buffers van banken omhoog moeten naar 9 procent.
2. Beter bestuur van financiële instellingen
Ook op het gebied van corporate governance worden allerlei plannen gelanceerd. Zo ondergaan de commissarissen van de vier grootste banken en de vier grootste verzekeraars van Nederland binnenkort een deskundigheidstest, die wordt uitgevoerd door de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandsche Bank. Deze toets komt bovenop een bestaande betrouwbaarheidstoets van de interne toezichthouders van banken en verzekeraars.
Ook liggen de bankiersbonussen onder vuur: bonussen die bankmedewerkers extra moeten motiveren om vooraf gestelde doelen te behalen. Gevreesd wordt dat dergelijke bonussen medewerkers aansporen meer risico te nemen om voor de bonus in aanmerking te komen. In Nederland is een wet in de maak die dergelijke bonussen verbiedt als een bank aanklopt voor staatssteun. Daarnaast wordt kritisch gekeken naar de aard van bonussen: de prikkel die ervan uitgaat en de criteria die ervoor gelden. Verder wordt aangestuurd op een beter risicomanagement bij banken, waarbij meer oog is voor risico's die minder waarschijnlijk zijn, maar wel een grote impact hebben. En waarbij banken de druk van aandeelhouders, analisten en de media kunnen weerstaan om mee te gaan in hypes en onverantwoord hoge risico's te nemen in de hoop op een hoger rendement.
3. Plain vanilla en back to basic
Banken worden waarschijnlijk geconfronteerd met nieuwe wetten en heffingen, zoals de bankenbelasting en de bankheffing, maar ze zitten zelf ook niet stil. Veel financiële instellingen hebben al een slag gemaakt in de vereenvoudiging van financiële producten en van hun bedrijfsmodel.
4. Bankenbelasting
Om te voorkomen dat de rekening van reddingsoperaties voor banken eenzijdig bij de belastingbetaler terecht komt, werken de Europese ministers van Financiën aan de introductie van een bankenbelasting. Met de opbrengst wordt een noodfonds opgericht, waarop banken in nood een beroep kunnen doen. Critici vrezen dat deze taks banken een vrijbrief geeft om te grote risico's te nemen: ze hebben zich immers verzekerd van hulp in geval van nood.
5. Bankheffing
Ook het depositogarantiestelsel heeft een prijs. Minister De Jager van Financiën wil dat banken hieraan gaan meebetalen. Vanaf 1 juli volgend jaar moeten ze waarschijnlijk een bankheffing gaan betalen die terechtkomt in een spaarpotje, waaruit spaarders worden gecompenseerd die hun geld kwijtraken door het faillissement van een bank.
6. Transactiebelasting
De bankbelasting is wellicht niet de enige fiscale maatregel waar banken mee geconfronteerd zullen worden. De Europese Commissie ontwikkelt ook plannen voor een belasting van 0,1 procent op financiële transacties. In de volksmond wordt deze heffing de ‘Robin Hood-taks’ genoemd, maar of die term strookt met de waarheid, is nog maar de vraag. De kans is groot dat banken de heffing geheel of gedeeltelijk doorbelasten aan klanten. Dit kan leiden tot hogere kosten en dus lagere rendementen, minder pensioenopbouw en een lagere kapitaalsuitkering.
7. Opknippen banken
Om te voorkomen dat gezonde bankactiviteiten onnodig in een faillissement worden meegezogen, gaan geregeld stemmen op om banken op te splitsen in een ‘nutsdeel’ (retailbank) en een risicovol deel (investment bank). Er zijn in Nederland maatregelen in de maak die banken in crisistijd kunnen dwingen hun spaaractiviteiten af te schermen. Deze kunnen vervolgens zelfstandig doorgaan of worden ondergebracht bij een gezonde bank. Het is overigens nog onduidelijk hoe zo’n opsplitsing vorm moet krijgen, aangezien dit een complexe materie is.
8. Meer en beter toezicht
Volgens veel critici treft niet alleen banken blaam. Ook het toezicht en de regelgeving schoten tekort. De kredietcrisis kon uitbreken doordat toezicht en regelgeving de mogelijkheid tot onverantwoorde kredietverlening lieten bestaan, meent hoogleraar Thorsten Beck van Tilburg University, die onlangs met vijf buitenlandse collega’s de kredietcrisis analyseerde. De crisis kon zich volgens hem daarna verbreden en verdiepen doordat toezichthouders geen enkele leidraad hadden voor internationale coördinatie van de noodzakelijke hulpoperaties van bankconcerns die in nood verkeerden. Er werden ad-hoc-beslissingen genomen, die niet allemaal goed uitpakten. Alleen een sterker toezichtsysteem en aanscherpingen van regelgeving kunnen volgens Beck herhaling van de crisis voorkomen.
De visie van deze econoom is niet uniek. Op allerlei niveaus wordt inmiddels gewerkt aan een versterking en verbreding van het toezicht op de financiële sector. Te denken valt aan het nieuwe EU-raamwerk voor financiële markten (MiFID), dat de bevoegdheden van toezichthouders versterkt, en de oprichting van de European Securities and Markets Authority (ESMA), de Europese financiële toezichthouder. In Nederland is een wet in de maak waarmee de overheid en toezichthouders sneller kunnen ingrijpen als banken in problemen raken.
9. Kredietbeoordelaars onder de loep
Ratingbureaus liggen sinds de kredietcrisis behoorlijk onder vuur. Volgens veel Europese politici hebben ze een onaanvaardbaar grote invloed op het verloop van de Europese schuldencrisis. Ook is er kritiek op de grote macht van deze rating agencies: veel banken varen blind op hun oordeel en de markt wordt wereldwijd gedomineerd door slechts drie Amerikaanse bedrijven. Verder zijn er vraagtekens bij de onafhankelijkheid van kredietbeoordelaars. Zij onderzoeken producten van dezelfde banken voor wie zij de kredietwaardigheid moeten beoordelen De Europese Commissie zinspeelt daarom op maatregelen om de macht van ratingbureaus te beteugelen, bijvoorbeeld door de oprichting van een Europese kredietbeoordelaar en een verbod om ratings af te geven aan landen die onder een internationaal hulpprogramma vallen.



