Printervriendelijke versie
Economie
Seinen op oranje voor inflatie
20 mei 2011

Veel Nederlanders zijn zich nauwelijks bewust van de risico’s van inflatie voor hun beleggingen. En dat zouden ze wel moeten zijn, vindt Robeco-strateeg Lukas Daalder. “Inflatie is een sluipmoordenaar voor de beleggingsportefeuille.”



De Europese inflatie komt inmiddels bijna een half jaar boven de norm van 2% uit die de Europese Centrale Bank hanteert. Ook liggen de verwachtingen van fabrikanten voor de prijsontwikkeling op het hoogste niveau in jaren. Toch lijken maar weinig Nederlanders hier wakker van te liggen. Slechts 13% van hen is bezorgd over de invloed van inflatie op hun beleggingen, zo blijkt uit recent onderzoek dat Robeco door de Universiteit van Tilburg liet uitvoeren. Robeco-strateeg Lukas Daalder heeft hier wel een verklaring voor. “De afgelopen decennia hebben we alleen meevallers gekend op het gebied van inflatie. Het cijfer bleef altijd keurig onder de 2%. Daardoor is het geen issue meer.”


Drie aanjagers
Maar aan die periode van relatieve rust kan volgens hem een eind komen, want vooral in Europa signaleert Daalder een verhoogd risico op oplopende inflatie. “De inflatie valt momenteel wel mee, maar er zijn wel drie structurele factoren zichtbaar die de inflatie kunnen aanjagen.”
De eerste factor is schaarste aan grondstoffen. Deze zal volgens Daalder de komende jaren verder toenemen. “In de opkomende landen is sprake van een sterke groei van de middenklasse. Dit leidt tot een toenemende consumptie van vooral grondstofintensieve producten en dus stijgende grondstoffenprijzen.”
De tweede aanjager van inflatie is de toenemende vergrijzing in met name Europa en Japan. “Dit leidt wellicht tot schaarste in de arbeidsmarkt. Hierdoor staan werknemers sterker in onderhandelingen over salarissen en dat kan leiden tot stijgende loonkosten. Daarnaast stijgen door de vergrijzing de kosten voor overheden.”

De derde factor waarmee rekening moet worden gehouden, is de verslechtering van de balansen van overheden. “Overheidstekorten kunnen worden weggewerkt met pijnlijke bezuinigingen, maar landen kunnen ook in de verleiding komen hun heil te zoeken in een eenvoudigere en pijnloze oplossing: het deels weginfleren van schulden door geld bij te drukken.”
Daalder wijst er ter nuancering wel op, dat landen hierin niet te veel kunnen doorslaan. “Ze moeten wel hun geloofwaardigheid op de financiële markten behouden.”


Voedselprijzen
In berichten over inflatie gaat vaak veel aandacht uit naar de voedselprijzen. Deze springen volgens Daalder erg in het oog doordat de prijsstijgingen op dit terrein soms zeer fors zijn. Bovendien zijn de stijgende voedselprijzen veelvuldig in het nieuws, omdat deze een belangrijke oorzaak vormen voor de huidige onrust in het Midden-Oosten.

Toch hebben voedselprijzen slechts een bescheiden gewicht in het mandje dat de basis vormt voor de Nederlandse consumentenprijsindex. Bovendien is het effect van prijsstijgingen van grondstoffen en voedsel op de onderliggende inflatie meestal slechts tijdelijk. “De grootste risico’s voor de inflatie in Nederland zijn hogere loonkosten en verwachtingen van een hogere inflatie.”
De loonkosten lopen momenteel nog niet erg op, meent Daalder. Maar de inflatieverwachtingen wel. Dat laatste kan leiden tot een self-fulfilling prophecy: “Hoge inflatieverwachtingen in combinatie met een lage spaarrente geeft consumenten een prikkel om meer te besteden en looneisen te stellen.”

Negatief rendement
Als de inflatie daadwerkelijk oploopt, kan dat grote gevolgen hebben voor beleggers, waarschuwt Daalder. “Wie bijvoorbeeld begint 1970 in aandelen was gestapt, had na vijftien jaar een rendement van 9% per jaar gehad. In reële termen keek de belegger echter tegen een negatief rendement van meer dan 2% per jaar aan”, legt hij uit.
Voor obligatieportefeuilles is de schade zo mogelijk nog groter. “De jaarlijkse couponrente ligt voor langere tijd vast. Als deze 3% bedraagt bij een inflatie van 4%, boek je een negatief rendement. Houdt de hoge inflatie langere tijd aan, dan loop je het risico aan het eind van de rit veel minder over te houden dan verwacht.”

Dit scenario voltrekt zich momenteel in Groot-Brittannië, waar de tegenvallers op inflatiegebied zich jaar na jaar opstapelen. Daarmee ontpopt inflatie zich tot “een potentiële sluipmoordenaar”, volgens Daalder.
Hij adviseert beleggers om hun portefeuille door te lichten op inflatierisico’s en deze waar mogelijk aan te passen. Staatsobligaties zijn volgens hem het gevoeligst voor een oplopende inflatie. Hierna volgen kasgeld en woningvastgoed. En tot slot gewone aandelen, mijnbouwaandelen en grondstoffen.

Het inflatierisico van obligaties kan worden ingedamd door te beleggen in inflation linked bonds (ILB’s), waarbij de hoofdsom en de coupon worden verhoogd met het inflatieniveau. Daarnaast kan natuurlijk ook juist op dit thema worden ingespeeld door bijvoorbeeld te kiezen voor een beleggingsfonds dat investeert in oplossingen voor het groeiende voedseltekort.
Meer informatie over inflatiebeleid in de portefeuille is te vinden in dit artikel.





Inflatiemonitor
Robeco heeft een barometer ontwikkeld waarmee de risico's op inflatie of deflatie in Europa, de VS en opkomende markten in kaart worden gebracht. Deze zogeheten
inflatiemonitor is gebaseerd op 25 indicatoren in de categorieën economie, inflatieverwachtingen, grondstoffen en monetaire ontwikkelingen. Meer informatie over deze monitor en inflatie is te vinden op deze uitzending van Robeco web-tv

Aanmelden voor de Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van de nieuwste artikelen op MarketMinds. Meld je aan en ontvang 2x per maand de nieuwsbrief.
Voornaam *

Achternaam *

E-mailadres *


Ik ben: *
Beleggingsprofessional
Particulier

Ik ga akkoord met de voorwaarden.

Woordenlijst

D

Decoupling


De notie dat de grootste opkomende markten, met China voorop, hun eigen lange-termijngroei kunnen genereren, los van de omstandigheden in ontwikkelde markten. 

Gelezen

Wie kaatst, kan de bal verwachten. Dit spreekwoord geldt voor iedereen en dus ook voor bankiers, politici en consumenten. Zij hebben immers zelf de basis gelegd voor de financiële crisis die hen in 2008 zo hard trof. In zijn nieuwe boek, Boomerang, beschrijft journalist Michael Lewis nog eens hoe het zover heeft kunnen komen. En ditmaal zijn z’n observaties persoonlijker dan ooit.